Pinkpop dag 2 door John den Braber

Op misschien wel het warmste moment van deze toch al zo subtropische dag voert de Vlaamse Selah Sue op de IBA Parkstad Stage het publiek naar nog zwoelere oorden. De show voelt namelijk als een warm bad der herkenning en ook een beetje naar het verleden. Naar een periode dat de soulzangeres met haar raggamuffin-stijl al op jonge leeftijd Pinkpop overdondert en zich lijkt te ontpoppen tot de Amy Winehouse van de Lage Landen.

Maar na haar succesvolle titelloze debuut wordt alles anders en beheersen depressies haar leven. Nu, meer dan tien jaar na haar debuut in Limburg, vlecht de Belgische singer-songwriter haar nieuwe, wat minder op retrosound gebaseerde nummers van haar album Persona, met haar eerste hits, moeiteloos ineen. Een gedurfde methode, want haar jongste werk schuurt meer tegen elektro en hiphop, die uitstekend werkt, al valt het oudere werk toch nog het lekkerst, zeker onder deze ‘Jamaicaanse’ omstandigheden.

De term ‘what you see is what you get’ past als een fluwelen handschoen bij indierocker Courtney Barnett. De Australische overdonderde het rockcircuit in 2015 met haar debuut Sometimes I Sit and Think, and Sometimes I Just Sit en is sindsdien de no nonsense cool kid die zonder toetsers en bellen zalen en velden platspeelt. Ook vandaag op Pinkpop.

Als trots bezitter van een prima matje en gekleed in een simpel zwart T-Shirtje overspoelt ze haar fans in de Tent Stage met haar vol cynisme en zwartgallige humor gevulde songs zonder opsmuk. Maar wel met vaart en drang, mede dankzij haar fantastische band. Barnett geeft ook vanmiddag weer het slackerrock-genre dat andere gezicht, waarbij vooral plezier, gedrevenheid en de pure rockbeleving de boventoon voeren.

Met Royal Blood in de gelederen kun je als festivalorganisator rustig achterover leunen. Want het Britse tweetal – met soms wat hulp van een licht verscholen toetsenist – weet met hun orkaan van rockgeluid iedere weide omver te blazen met drie simpele ingrediënten: gitaar, drums en passie.

Maar drummer Ben Thatcher en zanger/gitarist Mike Kerr tappen niet alleen maar uit het doordender vaatje, want het tempo gaat soms flink naar beneden – zoals bij het intense Boilermaker, wat de show de benodigde dynamiek geeft en vooral spannend houdt. Royal Blood is ook vanavond weer de rots in de branding van de liefhebbers van monsterriffs. Het duo deed wat moest doen: een pure rockshow met veel gitaargeweld neerzetten.

En daar is al jarenlang niets mis mee.

Uitgebreide recensie van Måneskin van John:

Måneskin geeft een lekkere show

Deel bericht op

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on whatsapp
WhatsApp
Share on email
Email
Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Meer nieuws