Phil Collins

Phil Collins (Genesis) is 70 geworden: een terugblik

Op 30 januari werd Phil Collins 70 jaar oud, in april zou de zanger weer gaan touren met Genesis en afgelopen maand werden zijn gouden platen geveild voor een prikkie door zijn ex. Nu al een bijzonder jaar. Het perfecte moment om terug te gaan in de rijke geschiedenis van Genesis. We doen dat in deze terugblik samen met de hoofdrolspelers. Phil Collins, Mike Rutherford en Tony Banks en ook Peter Gabriel doet zijn zegje.

We gaan met Phil Collins terug naar 1970, naar het tweede Genesis-album Trespass, dat zijn debuut als drummer was. ‘’Toen we dat album opnamen, was dat niet met het idee de wereld te veroveren of Pink Floyd van de troon te stoten. Niemand had werkelijk de intentie om beroepsmuzikant te worden.” Collins geeft deze vrije opvatting ook als reden waarom hij, ondanks zijn enorme solosuccessen, lang bij Genesis is gebleven. ’’Ik denk dat wij tot het einde toe onze vrijheid hebben kunnen behouden. Ik kreeg ook nooit het gevoel dat ik bij die band in herhaling viel. Pas eind jaren tachtig droogde mijn bron op en was het onmogelijk om, voor zowel mezelf als voor Genesis, voldoende goede songs te schrijven.”

Genesis: het draait om sfeer

Na het vertrek van eerst Peter Gabriel en later Phil Collins hielden toetsenman Tony Banks en gitarist Mike Rutherford de vlam brandend. Deze twee jongens uit typische middle class-gezinnen kunnen zich het eerste optreden in 1970 op televisie nog goed herinneren. “Televisie is altijd een heel slecht medium voor ons geweest. Bij Genesis heeft het vanaf het begin gedraaid om het scheppen van sfeer, en sfeer kun je niet overbrengen op een beeldscherm. Op het podium heb je licht, echo en veel mensen nodig die de muziek tot leven brengen.”
Ook Banks is het niet vergeten: “We deden de song The Knife en de jongen die de echo zou verzorgen, was ziek. Voor Peter was dat een drama. We hadden dagenlang naar dat optreden toegeleefd, maar uiteindelijk ruïneerden technische problemen ons debuut volledig. Door de zenuwen ging Peter met z’n microfoon lopen smijten. Hij kreeg daarna enorm op zijn donder van de regisseur.”

Mike Rutherford en Tony Banks: typische stijve Britten

Het grappige is dat Collins binnen Genesis altijd een beschermende rol had. Toetsenman Banks vertelde vaker dat de volkse afkomst van de drummer altijd een belangrijke rol in de groepsverhoudingen heeft gespeeld. “Mike, Peter en ik kwamen uit serieuze Engelse gezinnen waarin een eigen mening niet altijd telde, zeker als kind niet, maar we hadden wel sterk ontwikkelde muzikale ideeën. Toen Phil bij de band kwam, was dat eigenlijk een soort verlichting. Hij was sociaal, mondig en erg grappig. Daarnaast bleek hij ook nog eens een fantastische drummer te zijn.” Collins lacht als ik hem met die uitspraak confronteer. ‘’Het klopt dat vooral Tony en Mike typisch stijf Brits waren. Ze hadden fantastische ideeën, maar niet de vrijheid van geest die ook daadwerkelijk uit te voeren. Toen ik na de auditie voor de eerste keer als vast bandlid binnenkwam, begon ik meteen met het vertellen van een aantal vreselijk vieze moppen. Peter lag direct in een stuip en pas daarna kwam er iets van een glimlach op de gezichten van Tony en Mike.”

Phil Collins periode in Genesis

Collins kijkt nu met veel plezier terug op zijn periode in Genesis. ‘’Ik lees tegenwoordig in bladen dat veel van die nieuwe bands zoals Tool, Muse en The Smashing Pumpkins zijn beïnvloed door ons.” Hij geeft aan het meest trots te zijn op de Genesis-plaat Selling England By The Pound (1973). Dit door werk van de Amerikaans-Britse dichter T.S. Eliot geïnspireerd project bevat de sterkste nummers uit het Genesis-oeuvre.

‘’We schreven met z’n vijven alle songs en Brian Eno was perfect in staat om onze hersenspinsels om te zetten in fatsoenlijke geluiden. Daarnaast was het album thematisch typisch Engels en voor die tijd in mijn ogen erg vooruitstrevend.” Daar kunnen Rutherford en Banks zich helemaal in vinden. Rutherford: “Klopt, al werden we vaak onterecht in de categorie van bands als ELO en Yes gestopt. Erg goede bands hoor, met enorm veel muzikale kwaliteiten, maar wij waren veel meer songgeoriënteerd en daardoor konden wij onze transitie veel beter aan de fans verkopen.” Banks draagt als voorbeeld het nummer Harold The Barrel aan. ‘’Dat namen we in 1971 op en zoiets kwam je echt niet tegen in het repertoire van andere symfonische rockgroepen. Het zat er altijd al in, maar het duurde gewoon een tijdje voordat het er helemaal uitkwam. Veel bands zijn eind jaren zeventig ‘vermoord’ door hun liedjes, die langer dan vijftien minuten duurden. Daar zat niemand op te wachten. Daarnaast heeft het videotijdperk ertoe bijgedragen dat Genesis vooral bekend werd met korte liedjes. De lange stukken leken opeens niet meer te bestaan.”

Pomprock & freakshow

In die periode maakt de band ook meteen het eerste meesterwerk in de vorm van het album Foxtrot, dat in 1972 uitkomt. De oerbezetting met Banks, Collins, Gabriel, Rutherford en gitarist Steve Hackett geeft hiermee het eerste visitekaartje af. Rutherford: “En dan te bedenken dat wij toen nog op een heel naïeve manier onze platen opnamen. Een song als Supper’s Ready kwam heel losjes tot stand. Opeens was die er gewoon. En toen Peter met die excentrieke tekst kwam aanzetten, bleken wij een huzarenstuk in handen te hebben. Ach, je beste werk komt achteloos tot stand, je slechtste werk met hoofdpijn en ruzie.” Banks gaat nog wat verder: “Met Foxtrot definieerden wij de symfonische pomprock van die tijd. Vooral de toevoeging van songs als Willow Farm, Watcher Of The Skies en Apocalypse in een 9/8-maatvoering was een meesterzet.”

Vertrek van artistieke Peter Gabriel

In deze periode laat Phil Collins zich voor het eerst als natuurlijke leider gelden. “Ik had Peter altijd aangemoedigd zich in die gekke outfits te hijsen, maar na een tijdje vonden wij het wel welletjes. Het probleem was dat Peter er echt in geloofde, dus het was moeilijk hem op andere gedachten te brengen.” Uiteindelijk leidt deze onenigheid tot het vertrek van de charismatische Gabriel, maar de fans blijken hem erg makkelijk in te ruilen voor de zingende drummer.

Belachelijke freakshow

Phil Collins weet wel waarom: “Het werd een beetje een freakshow, omdat Peter sommige nummers amper nog fatsoenlijk kon zingen met al die gekke maskers op zijn kop. Ook vond ik dat we te nadrukkelijk een thematiek wilden nastreven, waardoor de pure liedjes in het gedrang kwamen. Daarnaast denk ik dat wij er niet het optimale uit hebben gehaald. Als we The Lamb Lies Down On Broadway bijvoorbeeld nu hadden kunnen opnemen, was het resultaat waarschijnlijk veel indrukwekkender geweest.” Het is de zwanenzang van Gabriel, die vindt dat hij zich artistiek te weinig kan ontplooien binnen de band. Vooral over het schrijven van de teksten zou in die tijd veel geruzied zijn. Banks haalt zijn schouders op. “Hm… ik zou weleens een competitie onder fans willen houden: wie kan raden welke teksten Peter schreef en voor welke lyrics Mike en ik verantwoordelijk waren. Ik denk dat ze zouden schrikken.”

Rutherford: “Degene die het meeste lawaai maakte, wist meestal zijn idee door te drukken. Dat klinkt negatief, maar dat is het niet. Als iemand echt gepassioneerd was over een song, een tekst of een passage, dan kreeg hij meestal zijn zin. En als dat plan uiteindelijk toch niet werkte, dan kreeg hij van de hele band de deksel op de neus. Dat overkwam ons, maar ook Peter. Alleen had híj het daar vreselijk moeilijk mee.”

Tournee werd belachelijke poppenkast

Het werd uiteindelijk een grote poppenkast, letterlijk zelfs. Rutherford: “Die hele verkleedtoestand werd een beetje belachelijk tijdens de tournee van The Lamb Lies Down On Broadway in ’74 en ’75. Daarnaast had Peter al voor die tournee aangegeven dat hij ermee zou stoppen, waardoor we telkens maar optredens bleven bijboeken om dat moment uit te stellen.” Banks kijkt met afgrijzen terug. “Die tour vond ik verschrikkelijk om te doen, omdat we stijf van de zenuwen op het podium stonden met de vraag of de volgende act wel zou gaan werken. We voerden de hele plaat integraal uit en dat was al zware kost voor de fans, maar de onzekerheid of alles wel gesmeerd liep, maakte het nog moeilijker.”

Maar het vertrek van Gabriel zorgde uiteindelijk ook voor verlichting. Banks: “Zijn vertrek had zeker een positief effect op de band. Althans, dat vond ik, al moet ik wel toegeven dat ik hem heb gesmeekt niet weg te gaan. We zijn ook altijd de beste vrienden gebleven, maar vanuit creatief oogpunt was het een verlichting omdat zijn act verstikkend werkte. We kwamen daar pas achter toen de eerste plaat zónder hem (A Trick Of The Tail uit 1976, red.) zo’n succes werd. Ook een groot deel van de fans had het eigenlijk wel gehad met die verkleedpartijen.”

Zonder Abacab geen Genesis

In ‘76 debuteert Collins als leadzanger op A Trick Of The Tail. Zowel media als fans reageren erg positief en de plaat krijgt hetzelfde jaar nog een uitstekend vervolg met Wind & Wuthering. Een bekend gezicht wordt Collins pas in 1978, als hij de hitsingle Follow You, Follow Me zingt. De lichtvoetige popplaat …And Then There Were Three betekent in principe ook de doorbraak van Collins als zanger. Vanaf dat moment neemt hij de macht definitief over. Dat komt in 1980 tot uiting op het album Duke. Hij laat de bandleden naar zijn huis komen en speelt hen de songideeën voor. “De vorm van Duke was ook mijn idee en eigenlijk de fundering voor dat wat Genesis later zou worden.” Hitsingle Mama is eigenlijk de blauwdruk van de stijl die Collins later als solist zal omarmen. “Dat nummer bestaat slechts uit een melodietje, een goede sfeer en een drumcomputer, maar het klinkt waanzinnig.” Collins had de tijdgeest goed ingeschat. Hij zag hoe grote bands als Yes en Pink Floyd zich hadden opgesloten in hun ivoren torens.

Producer Hugh Padgham

Collins: “De tijd van de symfonische rock was voorbij.” Hij brengt in 1981 zijn eerste soloplaat Face Value uit. Die plaat krijgt zelfs van de progressieve muziekmedia, die de band eigenlijk altijd kwaad gezind zijn geweest, louter positieve recensies. Hugh Padgham is de producer. ‘’Nadat ik met Hugh had gewerkt, wist ik dat hij de perfecte producer voor Genesis zou zijn.” Dat blijkt wel als in 1981, in hetzelfde jaar als zijn solo-cd Hello, I Must Be Going!, de Genesis-plaat Abacab uitkomt. “De plaat is gevuld met vrij korte songs en heeft een new wave-sound. Het was onze versie van intellectuele popmuziek met een boodschap en ik ben nog steeds vreselijk trots op die plaat. Zonder Abacab had Genesis allang niet meer bestaan”, meent Collins nu. Hij is niet van mening dat de artistieke piek van de band zo rond het midden van de jaren zeventig lag en afnam op het moment dat hij solo ging. “Daar ben ik het absoluut niet mee eens. Wij hebben in de jaren tachtig met Genesis prachtige albums gemaakt, waar ik zowel artistiek als commercieel volledig achter sta.”

Van bedompt hol naar levensruimte

Na het succes van Abacab en zijn tweede soloplaat lijkt alles dat Collins aanraakt in platina te veranderen. Met de band maakt hij in 1983 Genesis en twee jaar later brengt hij zijn meest succesvolle soloalbum uit met de titel No Jacket Required. Het werd duidelijk dat Genesis parasiteerde op het succes van de solist Collins, en niet andersom. “Het was een lastige periode. Ik stond overal met mijn singles op nummer 1, maar ik wilde Genesis ook niet vaarwel zeggen.”

Phil Collins is de grootste ster ter wereld en tijdens het Live Aid-spektakel in 1985 de enige die zowel in Londen als Philadelphia mag optreden. Toch komen in die tijd ook de eerste negatieve kritieken. Genesis lijkt steeds meer de rol van ‘opvullertje’ toebedeeld te krijgen. Maar toch scoort de band grotere hits dan ooit tevoren en worden stadions over de hele wereld moeiteloos uitverkocht. In die periode koopt de band ook een eigen studio met de naam The Farm. Banks: ‘’Eigenlijk hebben we The Farm pas voor de plaat Abacab helemaal ingericht voor Genesis. Daarvoor maakten wij er onze demo’s en ruwe opnamen. We waren de bekende studio’s helemaal beu, want telkens als we een plaat moesten opnemen, had ik het idee dat we in een hol kropen. Vooral de Trident Studios in Londen waren een drama en die bedompte sfeer heeft de muziek er niet beter op gemaakt.” Rutherford verduidelijkt: “We zijn toch allemaal jongens die opgroeiden op het platteland. The Farm ligt precies tussen mijn huis en dat van Tony in. Daar had je het gevoel dat je leefde, dat de wereld vanuit de lucht met je meekeek.”

Experimenteren in huis van Phil Collins

Het legt de band geen windeieren en Genesis produceert in de jaren tachtig een paar opvallende albums, maar volgens Banks was er al voor Abacab een kentering te bespeuren. “Vanaf het album Duke konden we wat meer experimenteren. Die plaat hebben we voor een groot deel gemaakt in het huis van Phil Collins. We hoefden opeens die songideeën niet meer zo gedetailleerd uit te werken en vol te stoppen met allerlei fratsen. Eindelijk hadden we het vermogen om over dingen na te denken.” Rutherford: “Ik denk dat we op Abacab pas een bewuste keuze gemaakt hebben om het verleden af te sluiten. Phil kwam met het idee om met producer Padgham in zee te gaan. De invloed van Hugh was meteen erg groot op de band. Hij wilde dat wij The Farm tevens als repetitieruimte zouden gebruiken. Dat gaf hem de kans spontane ideeën op een losse manier op te nemen.”

Banks vult aan: “Het had ook met zelfvertrouwen te maken. Mensen zeggen weleens dat het dapper is een song van twintig minuten op te nemen. Dat is helemaal niet waar. In twintig minuten kun je met een hoop gedoe een heleboel verbergen, maar in een popsong van amper vier minuten valt niets te verbergen. Ik denk dat we rond 1982 pas echt het gevoel hadden dat we innovatieve popsongs konden schrijven die op een single niet zouden

Videoclips van de band

In die tijd zijn ook de videoclips van Genesis spraakmakend vanwege het humoristisch acteertalent van Phil Collins. Rutherford kan er nu wel om lachen: “Als ik onze clips terugkijk, moet ik wel zeggen dat er tenenkrommende momenten inzitten, hoor. Als je naar A Trick Of The Tale kijkt, stijgt het schaamrood naar de kaken. Het is duidelijk dat Tony en ik geen acteurs zijn en Phil wel. Zijn achtergrond als acteur heeft de band enorm geholpen, zowel op het podium als op televisie. We zijn alle drie liefhebbers van Monty Python, maar Phil is de enige die elke scène tot in het kleinste detail kan naspelen.” Volgens Banks was de rolverdeling dan ook altijd kraakhelder. “Wij speelden altijd de brave en nette jongens en Phil de rebel. Als er een ding was dat ik absoluut nooit wilde worden, dan was het wel acteur.”

Meer lezen over de legende Phil Collins? Klik hier

Deel bericht op

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on whatsapp
WhatsApp
Share on email
Email

Meer nieuws