Leo Blokhuis over de Indische inslag: Indorock

Uit Magazine

Tekst: Leo Blokhuis

Als er een oerknal in de Nederlandse rock-’n-roll is geweest, dan zijn het de Tielman Brothers die de big bang veroorzaakten. In 1958 vormen de broers Andy, Reggy, Ponthon en Loulou de eerste Nederlandse groep die een rock-’n-roll single opnemen. Rock Little Baby Of Mine wordt weliswaar in België opgenomen, maar de single schrijft Nederlandse popgeschiedenis.

Vier mannen bewegen soepel over het podium, hun lange benen lijken alle kanten op te kunnen buigen en ze zijn alle vier in eenzelfde strak pak gehuld. De bassist ligt met zijn knieën op de grond en buigt met zijn rug naar de vloer. De leadgitarist gaat bovenop zijn contrabas staan en speelt zijn gitaar in zijn nek. Vervolgens geeft de drummer een solo terwijl hij al spelend een rondje om zijn kit loopt. “De mensen luisteren met hun ogen”, leerde hun vader hen ooit. Deze groep weet wat show maken inhoudt. Het zijn de Tielman Brothers, het is 1960, ze spelen Rollin’ Rock en je kunt het allemaal op YouTu-be terugvinden. In 1958 is Nederland in de ban van Max van Praag en John de Mol. De Selvera’s en de Fouryo’s. Amusementsmuziek wordt gespeeld door keurige orkesten. De elektri-sche gitaar was die van Eddy Christiani, hij zong Spring maar achterop of Daar bij de waterkant. In de late jaren 50 komen er steeds meer rock-’n-roll groepen in ons land. De Tielman Brothers (die aanvankelijk The 4 T’s en ook The Four Tielman Brothers heten) zetten vanaf 1957 de zalen waarin zij staan op de kop. Ze zijn in maart van dat jaar met hun familie vanuit Indonesië naar ons land gekomen. Zij maken onderdeel uit van een grote groep landgenoten met Indisch bloed die in die tijd repatrieert.

‘Waar Nederland nog het land van de blokfluit, accordeon en het harmonium was, daar pakken de Indo’s de gitaar’

INDISCHE INSLAG

Veel van de nieuwkomers in de Lage Landen zijn bedreven met de gitaar. Voor de Neder-landers zaten de Portugezen in Indonesië en introduceerden daar de gitaar. Waar Neder-land nog het land van de blokfl uit, accordeon en het harmonium was, daar pakken de Indische Nederlanders (Indo’s) de gitaar. Al in Indonesië maakten veel van hen via Amerikaanse radiostations als Voice of Ameri-ca kennis met rock-’n-roll. Dit is de reden dat er voornamelijk Indo’s in de vroege Neder-landse rock-’n-rollbandjes zitten. De Indo’s starten het vuurtje in ons land. Om die reden wordt de vroege rock-’n-roll in ons land ‘indorock’ genoemd. Over de vraag wat indorock bijzonder maakt, lopen de meningen nogal uiteen. Volgens Andy Tielman, de frontman van de Tielman Brothers, bestaat er niet zoiets als indorock. Ook Woody Brunings van The Crazy Rockers ontkent dat er een aparte muziekstroming bestaat die indorock heet. “Het was gewoon rock-’n-roll dat we speelden. En we maakten wel eens een foutje, omdat we alleen de platen hadden om na te spelen. We zaten eindeloos de naald terug op zo’n singletje te zetten. Gatver, wat zingt hij hier nou? En welk akkoord is dit?” Maar Hans Bax van de Javalins is het daar niet mee eens. “Ik speelde anders gitaar. Dat was gewoon mijn Indische inslag. Dat is indorock.” Of er nou wel invloeden van Indo-nesische krontjong in de vroege Nederlandse rock-’n-roll zit of niet, de term indorock is sowieso te verdedigen vanwege het feit dat het vooral door Indo’s werd gespeeld. DE INTREDE VAN ROCK-’N-ROLL Behalve krakende radiostations, in Nederland kon je als je geluk had Radio Luxembourg ontvangen waar eind jaren vijftig rock-’n-roll te horen was, was de bioscoop een belangrij-ke inspiratiebron voor de jonge muzikanten in de jaren vijftig. Sommige ambitieuze muziekliefhebbers gingen wel vijf keer naar Rock Around The Clock om te kijken hoe Bill Haley en zijn muzikanten die lekker opwindende liedjes nou speelden. Rock-’n-roll doet aarzelend zijn intrede in ons land. Eerst komen de verhalen, over een nieuwe muziek en dansrage waarbij mensen als zoutzakken heen en weer worden gesmeten, in plaats van dat zij ordentelijk met gestrekte arm op gepaste afstand van elkaar over de dansvloer zwieren. In Amerika en later ook in Engeland wordt een fi lm vertoond waarvan de jongelui zo opgewonden raken dat zij raar bewegend in de gangpaden staan en stoelzittingen door de ruimte vliegen. Zo’n fi lm moet je niet in je stad willen vertonen. Er zijn burgemeesters die de vertoning van Rock Around The Clock verbieden. Er zijn er ook die ‘m toestaan, maar dan wel zonder geluid. Maar de fi lm komt. En de bandjes gaan spelen. Vooral Den Haag is een stad met een grote Indogemeen-schap, een goeie intrastructuur voor bands en enthousiast publiek. Ook in andere steden bloeit de rock-’n-roll. Hoe jammer sommige kranten dat ook vinden. ‘De Tielman Brothers putten zich uit in zoveel onzinnig, zenuwachtig en onbegrijpelijk gehuppel en gekronkel tijdens hun rock ’n roll slotnummer, dat het muzikale aspect volkomen zoek raakte en er niets meer dan wat platvloers show-werk overbleef’, schrijft het Friesch Dagblad in januari 1960. Het Dagblad van het Noorden vond het optreden van de band niet veel beter: ‘Wat de Tielman Brothers aan luidruchtige ritmiek en visuele onzin produceerden tartte elke beschrijving’. Woody Brunings lacht er nu om. “Wij werden ooit op tv aangekodingd met: dames en heren, nu komen de Crazy Rockers, zet uw geluid maar héél zacht. De Tielman Brothers was apengedoe. We werden hier alleen maar tegengewerkt.”