De legendarische America singer-songwriter John Prine is gisteren overleden aan complicaties ten gevolge van het Coronavirus. Hij werd 73 jaar. Prine won in zijn carrière 2 grammy’s en had talloze bewonderaars. John Prine had al een zwakke gezondheid zoals hij ons vertelde in het interview dat wij 2 jaar geleden met hem hadden.
De gemoedelijke grijswangschildpad neemt een slok water. Hij heeft de eindigheid van het leven aan den lijve ondervonden. Toen er in 1996 voor de eerste keer kanker bij hem werd geconstateerd, in zijn nek, hebben de chirurgen niet alleen een deel van zijn nekvlees weggesneden, maar ook zijn speekselklieren verwijderd. Sindsdien staat zijn hoofd scheef en heeft hij een chronisch droge mond, waardoor zijn doorrookte gravelstem nog gruiziger is geworden. Gnuivend: “Mijn arts had het in eerste instantie moeilijker met die diagnose dan ik. Misschien moet ik de goede man maar meene- men naar het circus, dacht ik, om hem een beetje op te vrolijken.”
Jaren later, in 2013, sloeg het noodlot opnieuw toe: kanker in de longen. Een operabele variant, dat wel. “Ja, dat was schrikken geblazen. Wederom. Met als gevolg dat de artsen me nu extra goed in de gaten houden. Als je kanker hebt gehad, zitten ze er in het ziekenhuis bovenop. Ik ben nu weer in goede vorm. Onlangs heb ik een versleten knie laten vervangen, zodat ik tijdens mijn optreden in Paradiso weer ouderwets kan swingen. Rocken als een jongeman.”
“Jason Isbell, die meedoet op het album, en Sturgill Simpson, met wie ik een schrijfkan toor deel. Hun muziek stemt hoopvol, geeft me een trap onder mijn kont.”