Interview Foreigner: Cool As Ice

Soundz

TEKST: JEAN-PAUL HECK

Je had vanaf midden jaren ’70 Boston, Styx, Journey, Reo Speedwagon en nog een hele rits aan zogeheten adultoriented rockbands (AOR). Maar geen act was zo succesvol als Foreigner. De band scoorde immers ook grote hits in Europa, verkocht meer dan 80 miljoen albums en kreeg een plek in de Rock and Roll Hall Of Fame. Oprichter Mick Jones was al een ervaren rot toen hij het zaakje in de steigers zette. In Frankrijk was hij als sessiemuzikant en componist succesvol met acts als Johnny Hallyday en Sylvie Vartan. In 1972 was hij met Gary Wright verantwoordelijk voor de heroprichting van Spooky Tooth en speelde hij mee op albums van George Harrison en Peter Frampton. “Maar ik wilde mijn eigen band. Ian McDonald, die jarenlang bij King Crimson had gespeeld, wilde hetzelfde, dus besloten we naar New York te vertrekken.” Die band werd Foreigner en bestond naast de Engelsen Jones, McDonald en drummer Dennis Elliott, uit de Amerikaanse toetsen-man Al Greenwood, bassist Ed Gagliardi en zanger Lou Gramm. “Gramm was een lotje uit de loterij”, zegt Jones nu. “Na een aantal loops was Lou wel klaar met de muziekindustrie, totdat ik hem belde. Hij had mij twee jaar eerder tijdens een optreden van Spooky Tooth de debuutplaat van zijn band Black Sheep gegeven. Na dagenlange audities voor een zanger wist ik het even niet meer. Totdat ik me opeens dat album herinnerde.” Het bleek een gouden zet. Gramm combineerde de blues van Bad Company/Free-zanger Paul Rodgers met de hoge pitch van Robert Plant. Daarnaast vormde hij samen met Jones een geducht schrijvers- team. “Dat bleek toen we in de Hit Facto-ry-studio met producer Gary Lyons aan het werk gingen. We hadden hetzelfde doel: van Foreigner de grootste rockband van Ameri-ka maken.” Lyons bleek de juiste man. “Gary had net samen met producer Roy Thomas Baker gewerkt aan A Night At The Opera van Queen. Hij bleek het optimale uit de band te kunnen halen.” Dat bleek wel toen het titelloze debuut van Foreigner in het voorjaar van 1977 uitkwam. Feels Like The First Time was de eerste grote hit in Amerika en Engeland. En in de zomer van 1977 reikte de tweede single Cold As Ice tot de 13e plek in de Nederlandse hitlijst. “Tijdens onze eerste tour stonden we al in grote arena’s, waar ook bands als Led Zeppelin, Bad Company en Deep Purple speelden. We hadden één voordeel ten opzichte van andere bands: we waren nieuw, maar de meesten hadden al een bak aan ervaring.”

ZEGETOCHT

Dat is ook precies wat je hoort en ziet op de nieuw uitgebrachte concertregistratie Live At The Rainbow ‘78. “De band was on fi re! We waren allemaal overweldigd door het enorme succes van onze eerste plaat. Maar toen wij in april 1978 onze eigen show in de Rainbow in Londen mochten doen, was dat wel heel speciaal. Zeker voor Ian, Dennis en mijzelf, de drie Engelsen in Foreigner.” Het was indertijd een emotioneel concert voor hem. “Mijn ouders, familie en vrienden waren er allemaal. Het was een absolute zegetocht voor ons.” Jones droeg het nummer Woman Oh Woman tijdens het concert op aan zijn moeder. “Als ik dat nu terug-hoor, krijg ik daar nog altijd een brok van in mijn keel. Ik was toen al 33 en niemand had er binnen onze familierekening mee gehouden dat ik nog zo zou doorbreken met mijn eigen band.” Op Live At The Rainbow ’78 zijn nummers van het veelgeprezen debuut te horen, maar ook de latere hit Hot Blooded en het nummer Double Vision, dat ook de titel zou worden van de tweede plaat. “We hadden Double Vision op dat moment al in Los Angeles opgenomen met producer Keith Olsen. Er lag veel druk op de band en vooral op mij als belangrijkste songschrijver binnen Foreigner.” Gek genoeg deed Double Vision, net als opvolger Head Games (1979) het veel minder in Europa. “Dat was voor mij ook het signaal dat ik de sound van de band wilde veranderen. Meer compact, minder symfonisch.” TROUWE FANS Het resulteerde uiteindelijk in de fi jn gemodelleerde rockplaten 4 (1981) en Agent-Provocateur (1984) met mondiale monsterhits zoals Waiting For A Girl Like You en de aansteker-ballade I Want To Know What Love Is. Toch kijkt Jones, overigens de stiefvader van succesproducer Mark Ronson, vooral met een goed gevoel terug op de eerste jaren. “We waren wild en hongerig en dachten echt dat we de wereld aankonden. Maar met het succes kwamen ook de politieke spelletjes, de ego’s en uiteindelijk het verval.” Foreigner is altijd blijven doorgaan. Vaak in verschillende bezettingen, maar sinds 2005 met de sterke Kelly Hansen als zanger in de gelederen. Vorig jaar was er opeens een kortstondige reünie met de oud-leden Greenwood, Elliott, McDonald, bassist Rick Wills en zelfs zanger Lou Gramm. Jones vond het prachtig. “We zijn altijd in contact met elkaar gebleven en de chemie was nog precies hetzelfde als vroeger.” Jones sukkelt de laatste jaren wat met zijn gezondheid en speelt in Amerika niet alle optredens mee. Maar op Bospop is hij er absoluut bij. “Ik speel graag in Nederland. Als tiener kwam ik er al graag en ik heb er veel vrienden. Daarnaast is Nederland, naast Engeland en Duitsland, de band altijd trouw gebleven. Ik ben ook veel fitter dan een paar jaren terug. Voor een man van 74 doe ik het helemaal niet slecht.”