Deep Purple in topvorm op Whoosh!

“Er zit weer leven in het oude beest!” Zo liet Deep Purple-zanger Ian Gillan 2 jaar terug nog optekenen. En hij heeft gelijk gekregen. Het nieuwe album Whoosh! lonkt naar de klasse van classics zoals In Rock en Machine Head. Zanger Ian Gillan (74) leeft echter volledig in het heden. “Ik sta weer te trappelen om aan de slag te gaan.”

Tekst: Jean-Paul Heck

Een paar jaar geleden interviewde ik drummer Ian Paice en bassist Roger Glover in Engeland. De kop boven het artikel luidde toen: Is dit het laatste kunstje? Het antwoord blijkt een hartstochtelijk nee! Dat de voorgaande tournee The Long Goodbye Tour heette, nam ik toen al met een korreltje zout. Maar Whoosh! maakt aan alle speculaties een einde. De voorgaande platen waren goed, erg goed zelfs. Maar op Whoosh! lijkt alles samen te komen. Nu staat Deep Purple bekend om haar enorme veerkracht. Het vertrek van het gitaarfantoom Ritchie Blackmore kreeg de Engelse hardrockgroep er tot tweemaal toe niet onder. En zelfs de dood van Hammond-tovenaar Jon Lord bracht Deep Purple nooit echt aan het wankelen. Twee jaar voor zijn dood interviewde ik Lord. Hij was al ziek en wist dat zijn einde naderde. Maar het erudiete genie wist het toen al zeker: “Ik denk dat Deep Purple ook zonder mij nog altijd tot grootse daden in staat is. De band heeft een hart, een sound en een missie. Die is groter dan mijn persoon- tje.” Het waren mooie woorden van de oervader. Maar ook een rake tekst. Ian Gillan mist zijn maatje Lord nog altijd. “Hij was het geweten van de band. Als wij ruzie maakten, was daar altijd de mooie zware stem van Jon. Een man met de uitstraling van een koning.”

Hoe gaat het met je Ian?

“Wel goed. De afgelopen dagen heb ik veel met vrienden aan de telefoon gehangen. We spraken over corona. Mijn dokter heeft het coronavirus, maar ze is nu weer goed. Ik vroeg haar hoeveel mensen waren besmet die zij kende en zij zei: honderden Ian, echt honderden. Maar ze zijn allemaal genezen en dat is wel goed nieuws. Fijn. Maar ik vrees dat onze Engelse democratie een snelle genezing wel tegenhoudt. Wat mij betreft mag iedereen weer aan het werk. Ik ben er in ieder geval helemaal klaar voor.”

Ik zeg het niet snel maar Whoosh! is wellicht de beste plaat van Deep Purple sinds de jaren 70.

“Het heeft veel te maken met onze producer Bob Ezrin. Toen hij erbij kwam om ons voorlaatste album Now What? te produceren, voelde het aan alsof we een nieuwe band waren. Hij is net een dirigent die ons met zachte hand op het goede pad zette. Deep Purple heeft nooit een echte leider gehad. Heel vaak modderden we dan ook maar wat aan. Door de aanwezigheid van Ezrin konden we ons volledig concentreren op wat wij goed kunnen: rockmuziek maken. Deep Purple is nog nooit zo zelfverzekerd geweest.”

Je nam de plaat in Nashville op. Ik begreep dat je een plekje voor jezelf buiten de stad had gevonden.

“Klopt. De andere jongens sliepen in een appartementencomplex in downtown Nashville. Daar heb je restaurants, het nachtleven en de studio om de hoek. Maar ik ben daar helemaal niet mee bezig. Die appartementen waren ook een beetje bedompt en grauw. Ik heb voor mezelf een Airbnb buiten de stad gehuurd, aan de rivier nabij de Grand Old Opry [beroemde countrymuziek-venue] en nabij de rivier Cumberland. Als ik ‘s avonds buiten zat, kwamen er flarden country vanuit die legendarische zaal mijn kant uit. Elke avond ging ik om 8 uur naar bed en dan stond ik om 2 uur midden in de nacht op en luisterde ik naar de muziek die we die dag hadden opgenomen en schreef teksten tot ongeveer 6 uur in de ochtend. Daarna ging ik weer terug naar bed. Het was zeer inspirerend.”

Roger Waters vertelde mij ooit dat Pink Floyd zonder Bob Ezrin The Wall nooit had kunnen maken.

“Hij gaf bij onze eerste ontmoeting aan dat hij dezelfde werkethos wilde realiseren die wij hadden toen we albums maakten als: In Rock en Machine Head. Hij vond dat we ons vooral moest focus- sen op jammen, toch de grote kracht van deze band. Bob gaf aan dat het hem niet uitmaakte hoelang de liedjes zouden zijn. Daarbij wist hij de perfecte sound te creëren. Bob is muzikaal een genie. Hij is een klassiek pianist en ook nog een leef- tijdsgenoot van ons. Hij is iemand die een band echt beter kan maken. Ook durft hij in te breken in discussies die wij hadden. En als hij iets niet goed vond, riep hij door de microfoon: I’m not liking it!”

Je hebt indertijd ook veel platen gemaakt met producer Martin Birch. Toch één van de grootste rockproducers in de jaren 70 en 80.

“Maar Martin was geen producer. Hij was een verdomd goede technicus. Hij was goed in het maken van nieuwe geluiden. Elke stap vooruit was indertijd een nieuwe stap in het muzikale heelal, zeg maar. Martin was vitaal voor Deep Purple in de jaren 70. Opeens mochten bands en artiesten hun eigen liedjes schrijven, dit allemaal dankzij The Beatles. Deep Purple en al die andere bands maakten daar gretig gebruik van. En met Martin hadden we de beste technicus van dat moment in huis.”

Je vertelde mij een paar jaar geleden dat het Deep Purple van nu te vergelijken is met de band die begin jaren 70 het legendarische album In Rock maakte.

“Alleen dan zonder de drank, drugs, opstootjes en knokpartijen. Kijk, Deep Purple is nooit echt een democratische band geweest. Alles draaide om het oergevoel en het momentum. Jon Lord was onze analist en het muzikale genie, Blackmore de man van de onaardse melodieën en ik de onverwoestbare gorilla die hoger zong dan welke man ook op deze planeet. Neil Young vertelde mij ooit dat hij Deep Purple in de jaren 70 een band vond om bang van te worden: Jullie waren onbereikbaar, zelfs voor de collega’s. Dat mythische hebben we nu niet meer. Gelukkig maar. Tijdens de opnames van onze nieuwe plaat in Nashville, stond ik vaak om drie uur in de ochtend op om mijn dromen van die nacht om te vormen tot mooie teksten. Exact de manier zoals ik vroeger deed bij In Rock, Fireball en Machine Head. Maar weet je, wij zijn nooit een gangbare rockband geweest die hapklare liedjes voor het grote publiek maakte. Dat een song zoals Smoke On The Water een grote hit werd, is leuk. Maar denk je nu echt dat zo’n nummer in deze tijd zou aanslaan?”

Op Whoosh! tekende je wederom voor de teksten. Je bent niet iemand die heel vaak terugkijkt.

“Toen we vorig jaar lente dit album aan het maken waren, ging het vooral over het milieu. Nummers zoals Nothing At All, The Power Of The Moon en Man Alive gaan daar over. Maar ook de opkomst van de gangs in Londen baarde mij vorig jaar en nu nog altijd zorgen. Dat komt terug in het nummer Drop The Weapon. Mijn teksten gaan absoluut over het nu.”

Ik werd aangenaam verrast door de tekst van Man Alive. Niet eerder schreef je zo beeldend.

“Ik schrijf nu veel meer conceptmatig en dat komt zeker tot zijn recht in Man Alive. Ik heb altijd al verhalend geschreven, maar mijn fantasie en woordgebruik zijn veel rijker geworden. In Man Alive sterft een zoon en ik beeldde mijzelf in hoe de moeder hem voor de laatste keer tegen de borst drukt. Het instrumentale deel is zeg maar het strijdgedeelte. Het zijn teksten die ik vroeger nooit had kunnen schrijven. Hier komt ook het woord Whoosh
in voor. Zeg maar de betekenis van een mensenleven of de carrière van een band als Deep Purple. Het is vluchtig en niet zo belangrijk.”

Even over je stem. Ik weet niet waarom, maar je stem klinkt werkelijk waanzinnig.

“Haha, dat is fijn. In het verleden werden de songs pas in de studio aangepast aan de toonhoogtes waarin ik graag wilde zingen. Maar met Bob Ezrin hielden we daar vanaf het begin rekening mee. Gitaristen en keyboardspelers willen heel graag solo’s in een toonsoort die hen goed ligt. Maar ze zijn veel flexibeler dan mijn stem. Daardoor kon ik op Whoosh! absoluut in mijn kracht komen.”

De focus is te vergelijken met de reeks eerste albums die jullie in de jaren 70 maakten.

“Het leek wel of wij op een missie waren, met Bob Ezrin als bestuurder van de tank. Ik ben van nature ook nogal direct en niet zoals de andere leden binnen de band typisch Engels beschaafd. Ezrin was met vlagen echter keihard, maar wel rechtvaardig. Wij kunnen gelukkig spelen. Gene Simmons van Kiss vertelde mij ooit dat Ezrin na de eerste opnamedag van hun album Destroyer had gezegd: Sorry heren, maar jullie kunnen er echt niks van.”

Kijk jij weleens terug op die beginjaren? Samen met Led Zeppelin en ook Black Sabbath heersten jullie in de rockwereld. Deep Purple verkocht miljoenen platen en was, zoals Neil Young terecht opmerkte, onbereikbaar.

“De band was in die tijd arrogant en wij wisten dat we als muzikanten iedereen in de rockscene de baas konden. Niemand werd ook gespaard tijdens opnamesessies, en juist dat leverde platen op zoals In Rock en Machine Head (1972). Kijk, wat je ook van Blackmore mag vinden. De man was en is geniaal. Iedereen heeft het altijd maar over Eric Clapton, Jeff Beck en Jimi Hendrix, maar Ritchie staat voor mij op gelijke hoogte. Luister eens naar songs zoals Highway Star, Burn of Child In Time.”

De tegengestelde karakters van Ian Gillan en Ritchie Blackmore leidden tot geniale songs, maar ook tot onoplosbare ruzies.

“Ritchie was al een ster toen hij samen met Jon Deep Purple oprichtte. Hij wilde hardrock spelen, terwijl Jon veel meer met zijn voeten in de klassieke muziek stond. Maar door de enorme chemie overheerste op de eerste drie albums vooral de creativiteit. Uiteindelijk deden de intensieve tournees ons de das om. Drank en drugs kregen de overhand en Ritchie, die toch de belangrijkste componist was, trok in 1973 aan het langste eind. Roger en ik konden vertrekken.”

Jullie kwamen in 1984 weer bij elkaar. Ian, jij vertrok bij Black Sabbath en Roger en Ritchie keerden Rainbow de rug toe. Even leek het echt te gaan lukken.

“Ritchie was en is een briljant gitarist en een geweldige componist. Hij is dus gewoon niet te vervangen. Maar hij werd onhandelbaar. Het was ook duidelijk voor mij. Hij verliet Deep Purple in 1975 voor de eerste keer, omdat hij de leider van een eigen band wilde worden. Met Rainbow lukte hem dat ook en het succes met die groep was dan ook meer dan verdiend. Maar als je dan uiteindelijk terugkeert bij je oude groep en je moet het leiderschap delen met vier anderen, dan kan het weleens moeilijk worden.”

Fotocredit omslag: ANP

Deel bericht op

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on whatsapp
WhatsApp
Share on email
Email

Meer nieuws