Voor veel mensen is John Mayer een artiest die uitsluitend romantische gitaarpopliedjes maakt, bedoeld voor de slaapkamer. Hoewel de 39-jarige singer-songwriter dat beeld zélf veroorzaakt heeft, is dit een misvatting van de eerste orde. Mayer is geen kampvuurgitarist, maar een voortreffelijke muzikant die door grootheden als Eric Clapton en B.B. King om zijn talent wordt geroemd. Dit talent, het gevoel voor de blues, is in de Ziggo Dome terug van weggeweest.

John Mayer maakt popmuziek zoals Nederlandse jongeren die graag horen: aanstekelijk, pakkend, met enorme muzikaliteit uitgevoerd door klasse musici, maar soms ook een beetje saai. Want geef toe: zijn latere albums zijn lang niet zo boeiend en onderhoudend als zijn eerste drie platen. Een meesterwerk als Continuum heeft Mayer al ruim tien jaar niet meer gemaakt.

Maar eerlijk is eerlijk: The Search for Everything komt aardig in de buurt. Op dit zevende album grossiert de nu 39-jarige Mayer in ingetogen poprock, waar op gezette tijdstippen een vleugje blues in doorschemert. Door de jaren heen verdween de blues steeds meer naar de achtergrond en kreeg Mayer meer kritiek te verduren: hij zou zich alleen richten op zijn jongere fans, de verliefde tienermeisjes. De volwassen mannen, die zweren bij zijn virtuoze gitaarspel, deden er niet meer toe.

(Tekst gaat verder onder foto)

Scheurende jamsessie

In de Ziggo Dome bewandelt Mayer de gulden middenweg. Hij kiest voor een concertopbouw opgedeeld in vier hoofdstukken: eerst met een volledige, elektrische, band met twee achtergrondzangers, drie gitaristen, een drummer en een toetsenist, en daarna solo akoestisch, met een luidkeels meegezongen versie van Tom Petty’s Free Fallin als hoogtepunt.

Dan volgt het klapstuk van de avond. Een trio terug van weggeweest: John Mayer Trio. Samen met jazzdrummer Steve Jordan (Steely Dan) en sterbassist Pino Palladino toerde Mayer tien jaar geleden door Amerika en trakteerde zijn fans op een vrachtwagenlading aan blues en elektrische jazz van het hoogste niveau. En dat weet de Ziggo Dome nog heel goed: het applaus is oorverdovend als de drie vrienden het podium beklimmen.

De bluesmuzikanten schieten meteen als een vuurpijl binnen met een scheurende jamsessie van de bovenste plank. De door de fans bejubelde single Vultures krijgt een te gekke jazzrockuitvoering, waarop de drie laten horen dat ze goed hebben zitten opletten tijdens de geschiedenislessen van voorbeelden Stevie Ray Vaughan en Gary Moore. Het met pedal steel-gitaar opgesmukte Who Did You Think I Was zorgt afsluitend voor de eerste échte staande ovatie van de avond.

De finale is weer voor de complete band met onder meer kampvuurnummer Rosie en het sensationele tweeluik Slow Dancing in a Burning Room en Why Georgia. Deze versies barsten van de speelse, deels geïmproviseerde muzikaliteit en hebben een lichtvoetige ouderwetse vibe waarin gladde soul, blues en jazz op een prachtige manier samenkomen.

(Tekst gaat verder onder foto)

Klein afscheid

Valt er dan helemaal niets af te dingen op Mayers’ eerste passage in de Ziggo Dome? Toch wel. Het wisselen van instrumenten tussen de liedjes duurt te lang en haalt de vaart uit de show. En met de driedimensionale visuals op de videowall – met John Mayer afgebeeld in een Japanse tuin met vallende kersenblaadjes – maakt de band zich zelfs een beetje belachelijk. Die mierzoete suikerspin krijgen zelfs de grootste criticasters niet meer uit het hoofd van Mayer.

Het maakt in principe allemaal weinig uit, want voor de goede orde: John Mayer zet verder een uitstekend concert neer. Sterker nog: we hebben de mooiboy van de blues niet eerder zo onderhoudend en muzikaal bevlogen gezien als vanavond in de Ziggo Dome. Het plaatje is compleet als Mayer zielsalleen achter de piano kruipt, tegen een witte achtergrond, en op fluweelzachte wijze You're Gonna Live Forever in Me bezingt. Een klein afscheid van een grootse show. 

Tekst: Sebastiaan Quekel
Fotografie: Hans Kreutzer

 

Zoeken

Laatste concertverslagen